7 mei 2026

Bijdrage fractievoorzitter Knulst bij duidingsdebat raadsvergadering van 7 mei 2026

Op donderdag 7 mei 2026 is op verzoek van meerdere partijen een duidingsdebat gehouden in een extra gemeenteraadsvergadering.

Tijdens deze vergadering heeft SGP fractievoorzitter Kees Knulst onderstaande bijdrage ingebracht.

Bijdrage bij duidingsdebat

Voorzitter.

Ik begin met dankbaarheid. Dankbaarheid richting de 4208 kiezers die hun stem hebben uitgebracht op de SGP. Daarmee geven ze ons vertrouwen en een ruim mandaat. Dankbaarheid ook aan God, Die alle dingen bestuurt.

Voorzitter.
Wie het nieuws over de coalitievorming in het land, en in het bijzonder op Tholen, de afgelopen weken heeft gevolgd vallen zeer waarschijnlijk twee dingen op:
  1. Er zijn weinig gemeentes in Nederland waar het proces van coalitievorming niet gepaard gaat met ruis, met ontevredenheid. Waar keuzes worden gemaakt zijn er altijd partijen die zich daar niet in kunnen vinden. Mensen die teleurgesteld zijn. En dat is heel begrijpelijk. Of daarbij is gewerkt met een externe verkenner of met verkenners van binnenuit, lijkt weinig verschil te maken. 

  2. De aandacht voor dit proces in de media, en zeker op zogenaamde ‘sociale media’, suggereert dat heel veel mensen de kritiek van partijen op gemaakte keuzes en het doorlopen proces delen. Ook hier. Je zou bijna denken dat een groot deel van de Tholenaren ontevreden is met hoe het in de gemeente Tholen loopt. Ontevreden over hoe het bestuur de komende vier jaar wordt vormgegeven.
Dat beeld is naar mijn stellige overtuiging onjuist. Het beeld dat wordt gevormd door kritiek, door uitlatingen op Facebook, door berichtgeving in de media; dat beeld klopt niet. Het is in elk geval niet het volledige beeld.
De uitslag van de verkiezingen is wat ons betreft duidelijk. 
De meeste Thoolse kiezers staan achter de drie partijen die nu samen een coalitie willen vormen. Samen hebben deze partijen 13 van de 21 zetels. En: ik beweeg me als SGP-er vast in andere kringen dan raadsleden van andere partijen, maar ik hoor in reacties van mensen om me heen, uit onze achterban, van ondernemers, maar ook van anderen vooral veel tvredenheid. Er is, concludeer ik, breed draagvlak voor deze coalitie.
Wat me opvalt is dat deze mensen doorgaans niet zo vocaal zijn. Het gaat om een grote, meestal zwijgende groep die vooral wil college en raad na de verkiezingen snel weer aan de slag gaan met de opgaven die er liggen. Woningbouw, arbeidsmarkt, energievoorziening, leefomgeving, jeugdzorg.
Voorzitter, ik ga kort in op uitlatingen die worden gedaan op Facebook of via andere kanalen, zoals whatsapp-groepen. Een Veilige Publieke Taak, veel besproken in dit huis, vraagt niet alleen iets van onze inwoners. Het veilig kunnen uitoefenen van een publiek ambt vraagt ook verantwoordelijk optreden van volksvertegenwoordigers en bestuurders. In woord en daad.
Die verantwoordelijkheid houdt in dat we onze woorden zorgvuldig kiezen, ook online. Niet zomaar alles delen, en geen zuurstof geven aan wat onze democratie, onze vrijheid en onze veiligheid bedreigt. Statements mogen prikkelen, maar nooit gericht zijn op de persoon. En er mag zeker geen dreiging vanuit gaan. Ik doe een dringend beroep op ons allen om die verantwoordelijkheid serieus te nemen, en ook anderen aan te spreken wanneer we zien dat de publieke discussie ontspoort.
Voorzitter, ik kom bij de visie van onze fractie op het verslag van de verkennende ronde. Ik richt me vooral op de onderbouwing van de keuzes die we als SGP hebben gemaakt.
  1. Draagvlak en mandaat. Voor de SGP maken de verkiezingen duidelijk dat er onder een ruime meerderheid van de Thoolse kiezers draagvlak is voor een combinatie van SGP, CU en VVD. Ik noemde dat al. Dat leidt tot een stevig mandaat.

  2. Onderling vertrouwen als voorwaarde voor stabiel bestuur. Voor de SGP zijn continuïteit en stabiliteit niet alleen een logisch streven, maar ook uitgangspunt voor bestuur. Dat betekent niet dat er nooit iets moet of kan veranderen. Maar wel: zo lang er sprake is van voldoende draagvlak in raad en samenleving en daarnaast van onderling vertrouwen, ligt er een stevige basis voor constructieve en stabiele samenwerking. Op het belang van vertrouwen wil ik wat dieper ingaan. Vertrouwen in elkaar moet groeien. Dat kost tijd. Vertrouwen moet ook blijken in de praktijk. Er moet in de manier waarop partijen elkaar benaderen en aanspreken, zowel in de raad als in het college, sprake zijn van basaal respect voor elkaar, begrip voor elkaar standpunten, herkenning in elkaars bestuursstijl en toon. Onder die condities floreert vertrouwen. In de samenwerking tussen SGP, CU en VVD is vertrouwen in de afgelopen jaren niet alleen een mooi begrip, maar ook praktijk gebleken - zelfs toen het moeilijk werd door het onvoldoende functioneren van één van de wethouders. Overigens: goed kunnen samenwerken en herkenning in bestuursstijl en toon zijn ook voor andere partijen van belang voor coalitievorming, zo blijkt uit het verslag. Ik lees dat bijvoorbeeld terug bij het CDA.

  3. Gedeelde normen en waarden. Naast onderling vertrouwen zijn gedeelde waarden en normen voor ons van wezenlijk belang, of op z’n minst herkenning in en respect voor elkaars normen en waarden - want verschil mag er zijn. Daarbij hoort voor ons ook gehoorzaamheid aan hoger gezag, voor zover niet strijdig met Gods geboden. Het niet kunnen en willen uitvoeren van de Spreidingswet is voor ons dan ook een breekpunt voor samenwerking met FvD.

    De positie van FvD op dit punt is ook voor de meeste andere fracties een breekpunt, zo lees ik in het verslag. Daaruit blijkt: ook voor andere partijen betekent winst van een partij niet automatisch dat deze partij een plaats zou moeten hebben in het college. Ik ga het nog scherper stellen: sommige partijen wijzen erop dat een voortgezette samenwerking tussen SGP, CU en VVD geen recht doet aan de verkiezingsuitslag. Zij vinden dat voorbij wordt gegaan aan de stemmenwinst van het CDA en wijzen op het stemmenverlies van de VVD - al hebben beide partijen evenveel zetels. Tegelijkertijd sluiten diezelfde partijen samenwerking met een andere winnaar - FvD - uit, in meer of minder expliciete bewoordingen. Kortom: winst of verlies is niet het enige dat telt wanneer je een coalitie smeedt. Voor ons niet, en ook voor andere partijen niet. Andere factoren spelen eveneens een rol. Dat brengt me bij het vierde.

  4. Representatief bestuur. Voor de SGP is het van belang dat het dagelijks bestuur de breedte van de samenleving vertegenwoordigt. Ook dat zie ik terug bij verschillende fracties, waaronder ABT, CU en VVD. Voortgezette samenwerking tussen SGP, CU en VVD heeft dan ook onze voorkeur boven een volledig confessionele coalitie van SGP, CU en CDA.

  5. Balans oppositie-coalitie. Tot slot vinden wij het, net als CU, FvD en PRO, van belang dat er een redelijke balans is tussen oppositie en coalitie. Om die reden gaat onze eerste voorkeur uit naar een samenwerking tussen drie partijen.
Voorzitter, ik hoop mijn collega’s te hebben meegenomen in onze overwegingen. Of dat voldoende is, hoor ik ongetwijfeld in de tweede termijn. Overigens dank ik de collega’s voor het initiatief tot dit debat - ik denk dat het gezond is om met elkaar van gedachten te wisselen en elkaars keuzes beter te proberen begrijpen.
Ik rond af en spreek de hoop uit dat we als partijen gezamenlijk opnieuw aan de slag gaan met het beleidsprogramma. In het eerste procedureberaad spraken we met elkaar af dat het proces van coalitievorming en het programmaberaad onderscheiden processen zijn. Iedereen was het daarmee eens, hoewel iedereen ook toen al wist dat het proces van coalitievorming teleurstelling kon opleveren.
Laat de voorlopige uitkomst van de coalitievorming geen blokkade vormen voor samenwerking op inhoud aan gezamenlijke opgaven. Laten we samen optrekken, nu en de komende vier jaar, in het belang van Tholen en onze inwoners. Dat wordt van ons verwacht.